DEEL XLVII: Mickey Mouse // Micki Maus // Miki Kuchi, ou la Phantasmagoria.

Een van de meest raadselachtige opdrachten die Walter Benjamin aan de volgende generaties heeft meegegeven is het geweest om na te denken over Mickey Mouse. In een gesprek met Kurt Weil en Gustav Gluck uit 1931 wordt over de net verschenen Mickey Mouse films opgetekend “Hier zien we voor het eerst dat het mogelijk is dat een arm, of je gehele lichaam, gestolen kan worden.” en “In deze films bereid de mensheid zich voor om de beschaving te overleven.”

Tijdens dit gesprek, waarin slechts in grote lijnen het thema Mickey Mouse ter sprake komt wordt de muis ook toegevoegd aan een lijst van onderwerpen waar verder, dieper en beter over nagedacht zou moeten worden. En wie weet wat voor een fascinerende uitkomsten het afwerken van deze lijst had kunnen hebben als Benjamin niet afgeleid werd door andere, nog belangrijkere thema’s voordat hij in 1940 zelfmoord pleegde op de grens van Frankrijk en Spanje bij Portbou, in de verkeerde veronderstelling dat hij anders door nazi’s gevangen zou worden genomen.

De Mickey Mouse-wereld, waarin men inderdaad zomaar een arm of een lichaam kan verliezen en die vrij kan worden gevormd, een wereld waarin het volgens Benjamin “niet de moeite waard is om ervaringen te hebben”, neemt in de jaren ’30 algauw de vorm aan van propaganda. Een van de eerste versies daarvan komt uit Japan in 1936 waar een uiterst kwaadaardige Miki Kuchi  de rol speelt van de externe vijand die van plan is Japan plat te bombarderen maar algauw verslagen wordt door de traditionele waarden van de Japanse bevolking

Schermafbeelding 2015-04-06 om 11.32.57

https://www.youtube.com/watch?v=icVu-acHlpU

Naar wij uit het latere verloop van de eeuw kunnen aannemen was de opdracht voor deze film afkomstig van Keizer Hirohito zelf. De Keizer, die na de Tweede Wereldoorlog niet voor oorlogsmisdaden werd vervolgd maar wel zijn Goddelijke statuut moest afleggen en wat meer in de openbaarheid trad, ontpopte zich gaandeweg tot een openlijke fan van Mickey Mouse. Dit bleek onder andere in 1967 tijdens een staatsbezoek aan de Verenigde Staten toen de Keizer erop aandrong Disneyland te bezoeken voor een ontmoeting met wat zijn jeugdheld bleek te zijn. Op een foto hiervan staat de stijve Hirohito naast de in eeuwige glimlach gefixeerde muis te zien vlak voordat de Keizer het Mickey Mouse-horloge koopt waarmee hij 22 jaar later zal worden begraven. Of in dit gebaar, waarvan helaas geen beelden zijn gemaakt, meer schuilt dan de aanschaf van een nieuw uurwerk, of in deze transactie niet een meer fundamentele overdracht van macht te zien zou kunnen zijn van een voorheen Goddelijke maar sterfelijke leider, naar een onsterfelijke profane tekenfilmfiguur, is het soort vraag waar Walter Benjamin zich mogelijk mee bezig zou hebben gehouden als een verkeerde inschatting en een licht suïcidaal karakter, hem niet het leven hadden gekost.

Behalve Japan moest Nazi-Duitsland zich tot Mickey Mouse, die ook daar een bijna onmiddellijke populariteit genoot, verhouden. De filmstudio Sudfilm lanceerde ‘Micki Maus’ in 1930 nog met de tekst; “Mijn volk, heil aan de dag dat ik voor u verschenen ben, het was een eenduidige overwinning”, het soort taal dat op vrij curieuze wijze de retoriek van de Führer voorafschaduwt al is Mickey in eerste instantie nog deel van het Anti-Nazi kamp. In 1931 roept de Filmkrant FilmCourier op om beeltenissen van Mickey op te spelden “Als teken van rede tegen de swastika en tegen de repressie.” maar na 1933 krijgt hij, vormeloos als hij is, gaandeweg een andere rol. Dit komt voornamelijk omdat hooggeplaatste Nazi’s, in het geheim en tegen hun Volkseigen driften in, een voorliefde voor Mickey hadden opgevat. In de dagboeken van Goebbels lezen we bijvoorbeeld hoe deze voor Kerstmis in 1937 wel achttien Mickey Mouse films aan de Führer heeft gegeven en dat Hitler ‘enorm verheugd is over deze schat’. 70 jaar later duiken er in Noorwegen vier schilderijen op van Disneyfiguren die Hitler zelf naar aanleiding van ‘Sneeuwwitje en de Zeven Dwergen’ zou hebben gemaakt. De authenticiteit ervan is nog niet bevestigd, maar er is hoe dan ook bij de Nazi’s een zekere frustratie zichtbaar over het feit dat Duitsland niet in staat is de Disneyproducties te evenaren, hetgeen leidt tot het oprichten van nieuwe animatiestudio’s die, vanwege hun gebrekkige productie, ook wel ‘Goebbel’s droomfabrieken’ worden genoemd.

In 1941 vinden we een aantal Disney-figuren terug in een Duits animatie filmpje dat in Vichy Frankrijk wordt verspreid. Hierin maken Donald Duck, Mickey Mouse, Goofy en ook Popey zich op om Frankrijk door bombardementen te vernietigen. Maar de speelse vrolijkheid van de Disney-films, die boodschappen altijd op charmante wijze inkleed, is in deze versie vervangen door de Duitse rechtlijnigheid. De door niets verhulde boodschap is dat de Amerikanen Vichy-Frankrijk kapot zullen maken en dat de bevolking niet de Joden van de radio dient te geloven. Naast Keizer Hirohito zag ook Goebbels dus de potentie van Mickey Mouse voor propagandadoeleinden in. Maar de Japanse en Duitse animatoren hadden niet de technische middelen, noch het talent dat in de Disney-studio’s tot ontplooiing kwam.

Schermafbeelding 2015-04-25 om 13.04.55 Schermafbeelding 2015-04-25 om 13.04.57

In de Verenigde Staten wijdt de studio van Walt Disney zich vanaf 1942 bijna volledig aan de filmproductie in dienst de overheid. Het Bureau of Motion Pictures (onderdeel van het zogeheten ‘Office of War Information’) heeft volledige toegang tot de scripts van alle filmstudio’s met uitzondering van Paramount en doet op voorhand suggesties over het patriottische karakter van de films. Onder deze begeleiding maakt Disney een grote hoeveelheid instructievideo’s voor het leger en  brengt ook propaganda films uit waarin bijvoorbeeld Minnie Mouse braadvet aan de hond Pluto wil geven maar door de radio wordt aangespoord om het in plaats daarvan naar de slager te brengen, zodat er munitie van kan worden gemaakt voor Mickey, die aan het front verblijft. Ook verschijnen een aantal films met  Donald Duck die bijvoorbeeld het nut van belastingen voor het leger aantoont in de film The New Spirit, of de gruwelen van Nazi-Duitsland in “the Fuehrer’s Face”. Voor zijn rol in deze films wordt Donald Duck in 1984 officieel tot sergeant in het Amerikaanse leger gepromoveerd waarna hij eervol wordt ontslagen.

Schermafbeelding 2015-04-23 om 12.45.41

Met humor, pakkende liedjes en een ongeëvenaarde animatietechniek brengt Disney de meest droge boodschappen tot leven waardoor de Amerikaanse bevolking inderdaad braadvet gaat inzamelen voor het leger en aantoonbaar meer mensen hun inkomstenbelasting op tijd overmaken na het lanceren van “The New Spirit”. Van de 550 werknemers van Disney werken er 500 aan de propaganda hetgeen het bedrijf lanceert als de multinational die de verdere 20ste eeuw zal domineren met zijn creaties en wie weet wat er in de Tweede Wereld oorlog gebeurt zou zijn zonder de extra inkomsten uit belasting en de tonnen braadvet door Amerikaanse huisvrouwen binnengebracht.

Maar propaganda is niet de enige activiteit van Disney in de Tweede Wereldoorlog. De studio brengt gedeeltes van het leger onder in zijn loodsen, ontwerpt insignes en medailles voor oorlogshelden en we vinden Mickey Mouse bijvoorbeeld nog terug in de gasmaskers die Walt Disney na de aanval op Pearl Harbour voor kinderen ontwerpt en die bedoeld zijn om de negatieve associatie met het dragen van gasmakers te verminderen, waardoor de overlevingskansen zouden kunnen worden verhoogd. Verder komt de naam van Mickey Mouse nog terug in de marinebasis van een niet nader genoemde Engelse haven waar de volwassen geallieerde officieren, die in voorbereiding voor D-day een strategische vergadering hadden, elkaar Mickey Mouse in het oor fluisterden, aangezien dit het geheime codewoord was om daar toegang te verkrijgen.

mickey mouse gas masker

Na de oorlog zien we hoe het Disney-Imperium gaandeweg steeds dieper in de persoonlijke levenssfeer dringt en zich begint te mengen in de opvoeding van de bevolking. In 1946 wordt bijvoorbeeld een video gelanceerd over de menstruatie waarin voor het eerst op film het woord ‘vagina’ genoemd wordt en het menstruatiebloed wordt voorgesteld als een gezonde wit stromende vloed waar de vrouwen in het algemeen niet al te veel last van hebben. “After all, no matter how you feel, you have to live with people, you have to live with yourself too”

De subtext van deze film is dat menstruatie een natuurlijk verschijnsel is dat ervoor dient om baby’s te baren. We zien dit vooral in de laatste beelden die een vredig slapende baby tonen terwijl de menstruatie wordt benoemd als het gereedschap van de natuur om het geschenk van het leven door te kunnen geven. Hoe hetzelfde instrument dat de geesten in dienst stelde van de oorlog, de financiële bijdrage er aan en de vernietiging van mensenvlees, evengoed gebruikt kan worden om de voortplanting te bevorderen en nieuwe soldaten te baren nadat er veel verloren zijn gegaan, is kenmerkend voor de technologie die Walt Disney ontwikkelde en waarvan Walter Benjamin vrij vroeg al het belang aanvoelde.

De intuïtie van Walter Benjamin om toch vooral over Mickey Mouse te denken lijkt in retrospect dus een hele juiste. Niet alleen vanwege de rol die de Disney-creaties speelden in de Tweede Wereldoorlog, maar ook vanwege de het feit dat Mickey aan de basis staat van het Disney-imperium en bijna 90 jaar na zijn geboorte nog altijd tot de verbeelding spreekt. Hoe het mogelijk is dat een tekenfilmfiguur zo lang blijft bestaan is technisch gezien vanzelfsprekend, maar desalniettemin raadselachtig. Hoeveel tekenfilmfiguren zijn er niet al een stille dood gestorven? De uitspraak van Walter Benjamin dat “de route van Mickey Mouse meer lijkt op een dossier in een kantoor, dan op die van een marathon loper” lijkt te duiden op het geduldige, duurzame karakter van deze creatie die zich als het ware niet uitput, zoals een marathonloper dat doet. Uit het feit dat het land met het beste propaganda apparaat en de technisch meest ontwikkelde tekenfilmfiguren uiteindelijk de oorlog won lijkt ook een vaag verband zichtbaar te worden tussen de Mickey Mouse-wereld, waar de speelse onschuld ogenschijnlijk vanaf spat, en pure macht. Dit heeft niet alleen te maken met de technische mogelijkheden van de animatie die de blik en de verbeelding van de kijker volledig controleren en bijvoorbeeld druipend braadvet naadloos in kogels kunnen laten overgaan, of met de persoonlijke fascinatie die mensen als Hirohito, Goebbels, Hitler en later ook Kim Jong-Il voor de muis ontwikkelden, maar vooral ook met de huiselijke omgeving die in de Disney-wereld bij uitstek gecreëerd kan worden en die, ook als er ogenschijnlijke problemen zijn, altijd veilig is, altijd prettig en altijd aangenaam, hetgeen in zekere zin de fictionele machtsbasis vormt van iedere moderne democratie.

Schermafbeelding 2015-04-23 om 12.46.11Schermafbeelding 2015-04-23 om 12.46.15

Als we in de eerste animatiefilm met geluid, Steamboat Willie,  bijvoorbeeld zien hoe een geit, die de gitaar van Minnie Mouse heeft opgegeten, tot een draaiorgel metamorfoseert en muziek begint te blaten, zodat er een vrolijke band kan ontstaan waarin Mickey met zijn staart de percussie doet, zien we dan niet hoe een ogenschijnlijke tegenslag tot een vrolijke, ongecompliceerde oplossing komt waardoor van een probleem eigenlijk nooit sprake is geweest?

Benjamin schijnt, onder de invloed van mescaline, te hebben gezegd dat de eerste aanraking van een kind met de volwassen wereld ontstaat als blijkt dat magie geen uitwerking heeft op de werkelijkheid. Het kind zegt “Abacadabra” maar de werkelijkheid geeft niet mee, hier worden de eerste complicaties zichtbaar die naarmate de tijd verstrijkt steeds duidelijker vorm krijgen. In de Mickey Mouse wereld echter hebben complicaties en begrenzingen een ondergeschikte rol, zij dienen slechts het verhaal en worden altijd, op magische en ludieke wijze, opgelost. Hierin zien we hoe Mickey Mouse ons toegang geeft tot een toestand waarin de waarde van ervaringen nog onduidelijk is en ons altijd latente verlangen naar een veilige, onaantastbare omgeving voedt.”Al deze films” schrijft Benjamin over Mickey Mouse “zijn gebaseerd op het motief van het verlaten van je huis om te leren wat angst is. De verklaring van hun populariteit is niet de techniek of hun vorm, het is ook geen vergissing, het is het simpele feit dat het publiek hun eigen leven erin herkent.”

1931, het jaar waarin Walter Benjamin over Mickey Mouse schrijft dat deze muis “bewijst dat een wezen kan overleven zelfs als hij niet meer op een mens lijkt’, is ook het geboortejaar van Guy Debord. Deze grote drinker is een van de aanjagers van Mei ’68, leider van de Situationistische beweging en schrijver van “de Spektakelmaatschappij”. In dit klassieke werk benoemt hij de moderne samenleving en de verschuiving naar een ‘vrije-tijds industrie’ scherper en eerder dan enig ander denker in de 20ste eeuw. Met de filmversie van “de Spektakelmaatschappij”, waarin hij de drammerige poëtisch-filosofische teksten voorleest tegen een achtergrond van naakte vrouwen en gevechtsscenes uit wildwestfilms, lanceert hij zichzelf als een van de grote geesten van de 20ste eeuw al is hij daarna verminderd actief en vuurt hij in 1992, twee jaar nadat MTV het eerste echte reality programma “The Real World” lanceert, een kogel door zijn hart in het Franse plaatsje Champot, hoog in de Auvergne . Als er een tegenpool van Mickey Mouse kan worden aangewezen dan is dat zonder twijfel Guy Debord.

Schermafbeelding 2015-04-20 om 10.39.17 Schermafbeelding 2015-04-20 om 10.39.20  Schermafbeelding 2015-04-20 om 10.39.28

Waar Mickey Mouse altijd lacht, altijd vrolijk is en waar de problemen die Mickey Mouse tegenkomt altijd grappig, overkomelijk en noodzakelijk zijn om überhaupt een verhaal mogelijk te maken, daar is Debord’s analyse van het spektakel scherper, fataler maar ook wanhopiger en is er van een verhaal in zijn werk eigenlijk geen enkele sprake. “De individuele ervaring van het afgescheiden leven”, zo stelt de Franse intellectueel, ” blijft zonder taal, zonder concept, zonder kritische toegang tot zijn eigen verleden, dat nergens wordt opgeslagen, dat niet wordt gecommuniceerd, het wordt niet begrepen en het wordt vergeten, ten behoeve van een valse, spectaculaire herinnering van het niet-memorabele.” Deze uitspraak van Debord getuigt van zeldzaam inzicht maar toont tegelijkertijd ook waarom zijn gedachtegoed, net als de propaganda van de Duitse en Japanse animatoren niet beklijft. ‘Niet in staat van deze mooie en uitgesproken tijd te houden, zal ik haar ijdele pleziertjes haten” zegt Debord en het is duidelijk dat met de haat als smeermiddel geen duurzame beweging kan worden gevormd. De 20ste eeuw werd de eeuw van Disney, niet de eeuw van Debord.

Na een roemruchte carrière, met Mei ’68 als hoogtepunt, eindigt Debord misantropisch en alcoholistisch in een obscure niche van de geschiedenis, terwijl Mickey Mouse, 85 jaar na zijn geboorte nog altijd de grondslag vormt van een imperium dat op jaarbasis miljarden omzet. Daarnaast is Mickey Mouse nooit suïcidaal, hij is zelfs bereid om langer te leven dan de meeste mensen omdat zijn wezen niet gekoppeld is aan een fysiek en sterfelijk lichaam maar slechts de technologie en de verbeelding van steeds nieuwe, sterfelijke mensen nodig heeft om, in zekere zin als een parasiet daarop, voort te kunnen bestaan. “Als de echte wereld in simpele beelden verandert ” aldus Debord in ‘de Spektakelmaatschappij’ “dan worden simpele beelden echte wezens en effectieve motivaties voor een gehypnotiseerd gedrag.”

Het bestaan van Mickey Mouse, die naar waarschijnlijkheid ons allemaal zal overleven, is een vanzelfsprekendheid geworden die daardoor nog maar weinig relevant lijkt. Maar met een wereldwijde herkenning van 98% bij de kinderen tussen 3 en 11 zou het onverstandig zijn niet over Mickey Mouse en zijn nageslacht na te denken. Waar in de jaren ’30 Mickey Mouse in zijn eentje nog synoniem stond voor Disney is er tijdens en na de oorlog een heel Disney imperium ontstaan met een ongelooflijk aantal tekenfilmfiguren, pretparken en merchandise die kinderen over de hele wereld hebben leren kennen. Met recente uitbreidingen in China waar verschillende Disneyparken zijn geopend en een fascinatie van de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-Il die Mickey en Minnie in 2012 nog voor zich liet optreden kunnen we ook niet meer zeggen dat het een Westers fenomeen is en moeten we aan onszelf toegeven dat de verspreiding van Mickey Mouse en consorten een wereldwijde opmars betreft waarvan het einde nog niet inzicht is. Hieruit blijkt mogelijk, dat van op een wereldschaal en door de tijd heen bezien, het eenvoudiger is om een dier te humaniseren, dan het in feite is om een mens te humaniseren.

mickey in the street

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s